dinsdag 30 augustus 2011

*60* Geestelijke positie.

Ja.....we zijn terug van een heerlijke vakantie,  goed weer,  veel gezien,  genoten van de prachtige vergezichten en genoten van de rust in de tuin met een boekje in een hoekje. En nu een blog schrijven, niet over de vakantie, maar over de boeken die we gelezen hebben.
We zijn in bezit gekomen van bijna 20 jaar-gangen van het tijdschrift:  'Uit de Schriften'. Uitgegeven in de jaren: 1946 tot 1963. Deze maandelijkse tijdschriften  stonden onder redactie van S. van Mierlo en G. J. Pauptit. Ons, als gelovigen die behoren tot 'Het Lichaam van Christus',  zijn deze 2 leraren van het eerste uur, zeer goed bekend. 
In deze tijdschriften staan verschillende onderwerpen, die voor ons nog zeer leerzaam zijn. Zo las ik in het tijdschrift een overzicht over de 'geestelijke positie van de gelovige'  in de tussen-periode,  waarin wij nu leven.
Eerst is er de natuurlijke mens. Deze kan er door Gods genade toe komen het bestaan van een 'goddelijke Schepper'  te erkennen en zich tot de onbekende God te keren, om hulp en verlossing uit de duisternis.
Hierop kan volgen:  de geboorte 'van Boven' en het geloof in Christus als 'goddelijke Heiland' en wordt men zich bewust dan men een zondaar is. Niet alleen dat men zondige daden doet, maar dat men nog steeds in zekere mate vast houdt aan de gedachte 'zelf iets te zijn en te kunnen'.  Dit is in werkelijkheid de vijandschap tegen God.  (Dit zijn de wedergeborenen, de (kleine) kinderen Gods genoemd).
De volgende stap bestaat dan ook in het volkomen afstand doen van elke gedachte van autonomie ( = zelf iets te willen doen).    We moeten dan niet slechts geloven dat Christus gestorven is voor ons, maar ons door God met Hem laten kruisigen en doden. De 'oude mens' moet dood.   Dan komt men van wedergeboorte tot een nieuwe schepping,  van vergeving tot rechtvaardiging,  van kindschap tot zoonschap. Men is dan een 'rechtvaardige in Chirstus'. Dat wil niet zeggen dat er geen zondige daden meer bedreven worden,  maar men is geen slaaf meer onder de wet der zonde. (Dit zijn de in Christus gerechtvaardigden; de  zonen Gods). Veel gelovigen  in deze tussentijd, blijven hierin hun  geloof beleven.
Al betaat er dan een ware 'geestelijike gemeenschap met Chirstus', toch is er nog geen volmaaktheid. (geen 'volkomen man'  in geloof)   Over het  in Chirstus volmaakt zijn  handelt Paulus slechts in zijn latere brieven.  Hij spreekt dan over mede gezet zijn met Christus aan Gods rechterhand, het mede erfgenaam zijn met Hem en het 'lid zijn van het Lichaam waarvan Christus zelf het Hoofd is'.   (Dit zijn de in Christus volmaakten die gekomen zijn tot mannelijke rijpheid).
Kennis hier over is niet voldoende. Het gaat hier over een geestelijk leven en hoe verder we voortschrijden in dit gelovig leven, hoe grotere kennis we zullen hebben van die geestelijke werkelijkheid.  
Maar... hoe hoger de positie, hoe groter onze verantwoordelijkheid, hoe meer God van ons verlangt, omdat Hij ons, door Zijn inwerking, in staat stelt  meer in overeenstemming met Zijn wil te leven  en Hem te verheerlijken. We moeten dus (steeds bij alles in ons leven) bewust zijn van de positie waarin we door God geplaatst zijn. En dat is juist de grote moeilijkheid. Een menselijk 'kennen' wat de Schrift leert is niet voldoende, er moet  een 'ware gemeenschap' zijn met God en ons geloof moet ons gehele wezen ( lichaam, ziel en geest)  in beslag nemen en dit is de 'weg van nederigheid'.
Tot zover dit artikel: 'Uit de Schriften'.  Toen ik het gelezen had, moest ik wel even slikken.  Dacht ik vol overgave te kunnen zeggen dat ik 'volmaakt in Christus' ben, moet ik nu inzien, dat ik aan Gods eisen  van volmaaktheid zeer te kort schiet. Gelukkig las ik dat het 'een voortschrijdende weg'  is van vallen en opstaan.
Ik moet mij telkens weer bewust zijn,  dat God mij  het vermogen geeft een leven te leiden, die zal voldoen aan de vereiste en verwachting van mijn  'positie in Christus Jezus'  (geen eigen werken),  zodat  ik kan zeggen: ' Christus is mijn leven' ( Filp. 1: 21,  Kol. 3: 4),  want Hij moet in mijn hart 'woning' maken.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen