woensdag 28 september 2011

*66* Leven.

In Genesis 1 vers 26 lezen we dat God zei: "Laat ons mensen maken naar ons beeld, als onze gelijkenis". Terug rekenend van af nu tot die gebeurtenis, zou je zeggen dat dit ongeveer 6000 jaar geleden zou moeten zijn geweest. De aarde is veel ouder. Hoe oud, daar verschillen de meningen over.  De aarde is als kosmos ( is sieraad) geschapen, maar  kwam onder inloed van 'satan' tot verval en werd woest en ledig en duisternis lag op de vloed. Op Zijn tijd herschiep God de aarde in 6 dagen. en op die laatste dag werd de mens geschapen. 
* 1- De eerst mens noemde Hij: 'Adam'.
Adam kende Gods wil en hij had de opracht de aarde te beheren. Door hem had het Koninkrijk op aarde kunnen aanbreken en het daarmee het aionische- (eeuwege) leven kunnen aanvangen. Doch door hoogmoed gedreven, zonderde hij zich af van God en miste hij daardoor zijn doel. (de eigenlijke betekenis van zonde is 'doel missen') De aarde bleef daardoor onderworpen aan satan (de tegenstander van God), en de mens werd onderworpen aan zonde en de dood.
* 2- Het leven vóór de Wet van Mozes.
Vanaf Adam is er ongeveer 2600 jaar voorbijgegaan en de mens is (als natuurlijk mens) volkomen ontwikkeld, maar mist de 'volkomenheid van God' ( iets wat Adam wel kende vóór de zonde-val). Ze kenden iets van Gods wil, maar er was veel ongerechtigheid, boosheid en daardoor: schuld. Toch was de verantwoordelijkheid en schuld beperkt, want de zonde werd hen niet toegerekend.  Zij kenden 'de Wet' nog niet. De dood heerste als natuurlijk verschijnsel.
* 3- Van Mozes tot het kruis.
De 'zonen Israëls' kregen kennis van Gods wil omdat Mozes 'de 10 geboden' bekend had gemaakt, die hij van God had gekregen. Zij kregen daarmee kennis van de zonde. Toch was er wetteloosheid, overtredingen, ongehoorzaamheid en daardoor schuld. De Wet gaf hen niet de kracht om Gods wil te doen. De zonde bestond o.a. uit  afgoddiensten en afgoderij. Dit werd hen ten volle aangerekend. Als zij afvallig werden tegenover God werden zij gestraft en bij gehooraamheid aan God werden zij beloond.  Zij wilden echter gerechtvaardigd worden door werken en waren hierdoor in slavernij onder de Wet. Men verwachtte de Messias in de zin van een nationale Verlosser.
* 4- Van het kruis tot handelingen 13.
Meer dan 4000 jaar is er voorbijgegaan na Adam. Een deel van de 'zonen van Israël' erkenden de Here Jezus als de Christus. Door Zijn offer aan het kruis,  kwam er vervulling van de Wet en vergeving van zonden. De inzettingen der Wet bleven van kracht, doch konden nu door genade gehouden worden. Door wedergeboorte werden zij (kleine) 'kinderen Gods'. Toch bleef de vijandschap van de 'oude mens' bestaan. Men verwachtte een spoedige 'wederkomst van Christus' als de nationale Verlosser.  God had nog steeds geen bemoeienissen  met de volkeren rondom Israël en liet hen hun eigen wegen bewandelen.
* 5- Van Handelingen 13 tot 28: 28.
Door de verharding van een deel van Israël kreeg Paulus - door openbaring- een nieuwe opdracht. Hij leerde een nieuwe weg des Heils aan: de 'wedergeborene'  uit Israël en uit de volkeren rondom Israël. Zij konden zich nu laten verzoenen met God, met Christus sterven naar de oude mens en daardoor vrijgemaakt worden van de wet der zonde. De gelovige  is nu  'gerechtvaardigd in Christus' en wordt een 'zoon van God' De verwachting van een spoedige 'wederkomst van Christus' bestond onder de gelovigen nog steeds
* 6- Ná Handelingen 28: 28.
Het is nu ongeveer 4170 jaar na het begin van 'de mens'. Door verharding van het volk Israël,  is het Volk voorlopig terzijde gesteld als 'Gods uitverkoren volk'. De Wet van Mozes kan niet meer gehouden worden, omdat er geen Tempel meer is. Paulus maakt een nieuwe openbaring bekend aan de gelovingen in Christus Jezus. Hij verkondigd de nieuwe 'Bedeling der Verborgenheid' en de 'volmaaktheid in Christus' aan een ieder die het horen wil. De wederkomst van Christus en dus ook het Koninkrijk op aarde is uitgesteld tot Hij zijn grote macht aanvaarden zal in de toekomst (Openbaring 5) dan zal Hij  als Koning gaan heersen.
Bijna 2000 jaar is er voorbijgegaan na het einde van Handelingen en  God houdt Zich in deze tussen-tijd verborgen in het Over-hemelse.
Voor een ieder mens op aarde biedt God zijn genade aan, want we lezen in Johannes 3 vers 14: 'dat God de wereld zo lief heeft, dat hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder die in Hem gelooft niet verloren gaat, maar 'eeuwig leven' zal hebben'.  
We leven  nu ongeveer 6000 jaar nadat de eerste mens: 'Adam'  geschapen werd door God.  De jaartelling van het Joodse Volk begint met deze gebeurtenis. Zij vieren vrijdag dat het 5772 ste jaar gaat beginnen. En daarover gaat mijn volgende blog.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen