zaterdag 31 december 2011

*72* Schorre-morrie.

Je ziet ze steeds meer; 'de kerststalletjes' onder de kerstboom. Een romantisch tafereeltje gebaseerd op Lucas 2: 1-20. 
Vroeger zag je de stalletjes hier in het noorden van het land,  niet zo vaak.  Het was echt een Rooms Katholieke aangelegenheid.  Als kind weet ik nog  dat wij met Kerst naar mijn oom en tante gingen om de kerststal te bekijken. Zij hadden als goed Katholiek een enorme kerstboom die tot het plafond reikte. ( heel anders dan bij ons thuis, want mijn vader zocht altijd de kleinste boom uit).  Onder de rijkversierde boom, bij mijn 6 neefjes en nichtjes thuis, stond de kerststal met alles er op en er aan. Geen stalletjes zo als je ze nu ziet, maar een enorme stal met  (elektrische) lichtjes, om alles goed tot zijn recht te laten komen. Over het dressoir waren de velden Efrata uitgebeeld  met herders en schapen. Boven het geheel zag je de verlichte engel hangen die de blijde boodschap bracht  en om het hoekje van de stal kwamen  de wijzen uit het oosten  op hun kamelen al aan, die volgens de Bijbel pas een jaar later bij het huis van de Here Jezus  in Nazaret aan kwamen. 
De hele voorstelling vulde de halve kamer, maar ze vonden het niet erg om een beetje krap te zitten rond de kerstdagen.  Ik vond het schijnbaar ook prachtig, want we gingen elk jaar weer kijken. 
Tegenwoordig zie je steeds meer stalletjes verschijnen onder de kerstboom. Toch zijn er wel wat vraagtekens bij te plaatsen.  Zo is het niet gezegd dat onze Here Jezus in een stal geboren zou zijn. Een stal is een zeer onreine plaats voor de Joden en zeker geen plaats waar een babytje geboren gaat worden.
De Griekse vertaling heeft het over een kribbe, waar de Here Jezus in gelegd zou zijn als baby, maar dit is een Griekse inlegging.   Uit de grondtekst zou de Here Jezus in een  (brood) bak gelegd zijn. ( de Baby van Bethlehem = Hebreeuws: Bethlechem = het broodhuis,  is het Brood des Levens.)  Het kan dus ook een beschutte plaats geweest zijn naast een huis waar het brood bereid werd.  Maar omdat de kribbe in een stal te vinden is, zijn er gelijk een paar dieren bij bedacht ( die in het Bijbelse verhaal niet te vinden zijn) .   De os en de ezel !
Degene die deze dieren in de stal van Bethlehem plaatste, moet wel verstand van Gods Woord hebben gehad. De os en de ezel vinden we namelijk ook terug in Jesaja 1 vers 3. Daar staat:  ' Een rund (een os) kent zijn eigenaar en een ezel de krib van zijn meester, maar Israël heeft geen begrip, mijn volk geen inzicht'.  Wordt hier duidelijk gemaakt dat de os en de ezel wel het Kind aanbidden en het Volk van God niets van Hem willen weten ?  Is dit profetisch voor wat er gebeuren gaat ?  Het schijnt zo te zijn.  Hoe verblind is het Joodse Volk.  Zij zien niet dat het 'kindeke Jezus'  de beloofde Messias is, maar de domme beesten beseffen het wel. 
In het Hebreeuws is de vertaling van  'os en ezel':  'sjorre-we-morro'.  In verbasterd Jiddisch -Nederlands  horen we hier:  'schorre-morrie'.  Het schorre-morrie onder de mensen is het uitschot van de maatschappij.  Het 'schorre-morrie' stond in de stal bij de Here Jezus om Hem te aanbidden.
En zo is het ook gebeurd:   Wij,  (de niet Joden) het  'schorre-morrie' in de ogen van het Joodse Volk,  aanbidden de Here Jezus,  terwijl de Joden Hem nog moeten leren kennen. en Hem nog als Messias zullen moeten aanvaarden.   Zo zien we toch nog een 'waarheid' naar boven komen uit een menselijk bedenksel.

woensdag 28 december 2011

*71* Kerst?

Met Kerst vieren we eigenlijk twee feesten door elkaar. Wij,  gelovigen in de HERE God, de Schepper van hemel en aarde, onze Vader, gedenken op deze dag dat God zijn geliefde Zoon geboren liet worden op aarde, om het zonde probleem in de mens en de wereld op te lossen.   Daarnaast vieren we uitbundig het gezellige Romeinse feest: 'Saturnalia' uit de 4e eeuw, met een mooie groene boom in de kamer versierd met alles wat licht geeft en glinsterd, lekker eten en gezelligheid.  Om de twee feesten te combineren zetten we onder de versierde groene kerstboom een stalletje met daarin het kindeke Jezus in de kribbe en Maria en Jozef er naast. En.. met de herders, os en ezel, de wijzen uit het oosten ( die volgens de Bijbel een jaar later kwamen) en de engel hangend aan het dak, is het geheel compleet.
Waarom kozen de Christenen van de vroegere jaren voor het heidens feest met de versierde boom en niet voor het feest van de Joden: Chanuka. Het feest dat de Here Jezus zelf ook vierde. ( zie het vorige blog. )
Het feest met de versierde boom is al heel oud. De profeet Jeremia waarschuwde er al voor. in Jeremia 10 vers 2-5 lezen we:  'Zó zegt de HERE: Gewent u niet aan de weg der volkeren en schrik niet voor de tekenen aan de hemel, omdat de volken daarvoor schrikken. Want de handels wijze der volken, die is nietigheid: want als een stukhout heeft men het uit het woud gehakt- arbeid van werkmanshanden met de bijl- met zilver en goud siert men het op, met spijkers en hamers maakt men het vast, zodat het niet waggelt.'
De kerstboom is al heidens-oud, en heeft geen enkele Joods-Christelijke wortels onder haar stam. Over de gehele wereld vierde men in de oudheid  het feest van de terukkeer van de zon met een versierde  boom in huis omzo de god van de zon te vereren.
In de Germaanse tijd ( in ons deel van de wereld)  vierde men het 'Mid-Winterfeest', waarbij men gedacht dat de zon weer meer kracht kreeg aan de hemel en als symbool de groene boom in huis haalde en versierde met glittering om het donker te verdrijven.
In het Mesopatamie en het Babylon van vroeger vierde men rond de 25e december het 'zonne feest'. Het feest van de onoverwinnelijke zon. De stichter van het Babelse Rijk was Nimrod. In Genesis 10:8 wordt geschreven over Nimrod dat hij de eerste wereldbeheerse/dictator was van de Bijbelse geschiedenis.
De Romeinen, zo rond de 3-4e eeuw, noemden het feest op de 25e december: Saturnalia. Vanaf eind december wordt de zon weer sterker, de dagen weer langer en alles wordt weer groen. Om dat te vieren haalde men de groene boom uit het bos en versierde hem.
Gelukkig voor de mensen in het Romeinse Rijk hoefde men met de overgang van het heidendom naar het Rooms Katholieke Christendom, het Saturnalia-feest niet af te schaffen.  Men bepaalde gewoon dat de Here Jezus ook op deze dag geboren was, zodat de verering van de zonne-god tesamen kon vallen met Zijn geboorte: 'het Licht der wereld'.  In het vorige blog kun je lezen hoe onwaarschijnlijk deze gedachte is.
De hervormer Calvijn heeft geprobeert Kerst af te schaffen, maar dat leidde tot en volksopstand. Het is een illusie te denken dat kerst met haar commercie zo maar zou verdwijnen uit het Christelijke denken, maar er is zeker een zinvol alternatief om gezellige winterdagen te beleven:  de 8 dagen van Chanukah ( zie vorig blog).
En het is zeker een gedachte om over na te denken,  dat 'de waarheid' van de meerderheid niet altijd tot eer en glorie van God is. en Gods Waarheid zou zijn, want.... je moet 'De Waarheid' niet verwarren met de mening van de meerderheid.

dinsdag 27 december 2011

*70* Chánukáh

In Johannes 10 vers 22  lezen we dat het winter is in Jeruzalem en dat de Here Jezus op weg is naar een feest. Wat denk je, zou Hij naar zijn eigen verjaardags-feest gaan ( het feest dat wij nu als Kerst-feest vieren) ?
Iemand die een beetje met Gods Woord vertrouwd is weet  dat verjaardagen ( zeker in die tijd) niet gevierd werden  en weet ook zo goed als zeker, dat Zijn geboorte juist niet plaats vond in een koude winternacht.
In de velden Efrata was daar in de winternacht-koude geen herder te bekennen. Bovendien organiseert geen enkele keizer een volkstelling in de wintertijd. We moeten eerder denken dat Zijn geboorte plaats vond in het voorjaar,  kort voor het 'Pesachfeest', (het Paasfeeest in onze geloofs-traditie) als de herders met hun kuddes zich zo dicht mogelijk ophielden bij Jeruzalem,  met het oog op de vele lamoffers die nodig waren voor de Pesach-maaltijden van de duizenden pelgrims.
In Johannes 10 was de Here Jezus  op weg naar een ander feest. We lezen dat Hij kwam naar het 'Vernieuwingsfeest'  in Jeruzalem.  Een feest dat nu nog steeds gevierd wordt.  Het is het 'Chanuka feest', dat dit jaar gevierd wordt van 20 tot 27 december.
Een feest ter herinnering aan de vernieuwing en de her-inwijding van de Tempel in Jeruzalem.  Dat gebeurde in de tweede eeuw vóór Christus ( in het jaar 168 vóór Christus).
In die tijd vond er een 'grote vedrukking' plaats onder leiding van de Grieks-Hellenistische dictator Antiochus Epifanis. Alles wat met de Joodse Godsdienst te maken had werd verboden. Alles wat in de Torah,  aan het Godsvolk-Israël was voorgeschreven werd onder dwang afgeschaft;  men mocht als gezin geen 'Sjabbat' meer houden,  geen feesten meer vieren, geen Joodse gebruiken meer houden. Niet alleen was dit alles verboden;  op overtreding ervan stond zelfs de doodstraf.  Een afgrijselijke verdrukking voor het Joodse Gods-volk. Een antisemitiche diktatuur die model staat voor de: 'de Grote Verdrukking'  in de toekomst, die vooraf zal gaan aan de Wederkomst van Christus.  'Antiochus Epifanes' geldt als het prototype van 'de Anti-christ'.
Toen het Joodse Volk zijn macht weer terug kreeg en de Griekse diktatuur werd verslagen, vond men in de verwoeste Tempel de Chanukah-kandelaar terug.  Maar alle olie die nodig was voor het branden van de kandelaar was op een klein kruikje olie na verdwenen.  Met dit beetje olie zou de kandelaar nog geen dag kunnen branden. Maar het wonder van Chanukah gebeurde:  De kandelaar bleef acht volle dagen branden op het kruikje olie.
Daarom is het Chanukah-feest een vrolijk 'licht feest' dat acht dagen duurt:  iedere dag wordt op een speciale achtarmige kandelaar een extra kaars aangestoken tot ze alle acht branden. Tegenwoordig geeft met elkaar kadootjes en eet men oliebollen ( ter herinnering aan de olie voor de kandelaar).  Men speekt van een "nes gadol"  = een groot wonder !  
Chanukah is meer dan een herinwijdingsfeest van de Tempel.  Het is vooral een feest ter herinnering aan de terugkeer van het Volk naar zijn Joodse wortels:  naar de Joodse levensstijl. Het is een 'bekeringsfeest', een jaarlijkse herinnering aan een nieuwe start met God als middelpunt.
Kerst is voor ons een romantisch feest, het moet vooral  sfeervol zijn  en we verkeren even in een andere werkelijkheid. We vluchten even weg voor de harde realiteit van elke dag, en dromen weg bij de lichtjes van de kerstboom en het moet vooral gezellig zijn met familie en vrienden.
Chanukah daarentegen is het feest van het gedenken, een 'bekerings-feest' en  het levend houden van het verleden, met de jaarlijkse oproep om ons leven te ordenen volgens de Goddelijke Richtlijnen.
Niet alleen destijds maar ook vandaag leven wij onder de dictatuur van de Griekse geest die ons dicteert: "je bepaald zelf wel wat goed voor je is, daar heb je een ander (en zeker geen God) voor nodig." 
Chanuka is een jaarlijkse uitdaging voor de gelovige om het leven en het samen leven met anderen te ordenen volgens de principes van God.

maandag 26 december 2011

*69* Kerst-geschenk.

Zo...dat is een tijdje geleden dat ik mijn laatste blog heb geschreven.  Te druk gehad met andere dingen. Ondertussen  een cursus Hebreeuws gevolgd, dat al mijn aandacht nodig had.  Een taal met een geweldige diepgang waar je helemaal blij van wordt.
Maar nu dus een blog en wat is er niet mooier om er vandaag mee te beginnen.   Vandaag herdenken we dat onze Heer en Heiland Jezus Christus als mens in ons midden is gekomen.
De Zoon van God werd mens; wat een dag in de geschiedenis van de mensheid, heeft daar (meer dan 2000 jaar geleden) plaats gevonden. En dit gebeurde haast ongemerkt.  Een engel van God kwam om de herders bij de velden van Bethlehem  het grote te nieuws te verkondigen; dat voor hen de Verlosser was geboren.
De Heer der Heerlijkheid, liggend in een kribbe als een pasgeboren kindje. Waar waren al de andere mensen voor wie Hij gekomen was op aarde ?  Waar was de drukke eigenaar van de herberg, die geen plaats voor Hem had ?  Om nog maar niet te spreken over de  op macht beluste koning Herodes, die Hem direct naar het leven stond. 
Waarom is Hij, die alle Heerlijkheid bezit en rechtmatig Koning is van Hemel en aarde, zo hulpeloos en armoedig naar deze aarde gekomen ?  Het antwoord is kort.  "Om ons !"  Om ons mensen te kunnen redden, moest Hij  ook mens worden. Hij kwam voor de mensen; die toen leefden en die nog geboren moesten worden. (Hij kwam in eerst instantie voor Zijn Volk en zoals Gods Woord ons leert:  voor de gehele mensheid.)
In 2 Korintië 8 vers 9 lezen we:  'Gij kent immers de genade van onze Here Jezus Christus, dat Hij om uwentwil  arm is geworden,  terwijl Hij rijk was, opdat gij door zijn armoede rijk zoudet worden.' 
En toch kon die diepe vernedering van Zijn menswording en armoede ons niet redden. Hij moest de weg naar het kruis van Golgotha gaan, om voor ons te sterven.  Kerst en Pasen komen hier samen.  'De geboorte van Christus bracht God bij de mensen en het kruis van Christus brengt mensen bij God'  Zonder het kruis is er geen verlossing uit de zonde-greep en geen redding uit  de wurggreep van de vijand, (die de overste is van deze aioon ( wereld )) en waar wij dagelijks mee te maken hebben als mens. Van nature doen wij zondige dingen ( ook als je denkt dat je nog niet zo zondig bent).  Voor God zijn wij schuldige zondaars. Alleen op grond van het sterven van Jezus Chirstus, kan God de zondeschuld  van de mensen vergeven,  die naar Hem toe komen met een oprecht hart en in geloof.
Jezus Christus kwam om Zijn leven te geven tot een losprijs voor velen. ( Markus 10 vers 45
Vraag je naar de reden van het kerstfeest dan vind je deze in 1 Timtheüs 1 vers 15:  'Dit is een betrouwbaar woord en alle aanneming waard, dat Christus Jesus in de wereld gekomen is om zondaren te behouden.'    Het heilig Woord van God zegt dat Zijn Zoon alle aanneming waard is,  voor iedereen.
Kerst geschenken moeten we wel eerst aannemen.... pas daarna zijn ze ons eigendom.
Dit geldt in het bijzonder voor het geschenk dat God ons in Zijn zoon aanbiedt.  Voor hen die dit aanbod weigeren, zal God eens de rechtvaardige Rechter zijn.  Voor hen die Hem nu reeds zoeken als Heer en Heiland, zal Hij een liefdevolle Vader willen zijn, want:   'Liefde is als de Rechter je Vader wordt.'
Daarom wijst Gods Woord (de Bijbel) ons de weg. Het is een weg voor iedereen, die leidt naar onze God en Vader,  die Zijn hart voor ieder opend.... Maar wie doet zijn hart voor Hem open ?

woensdag 26 oktober 2011

*68* Ma-hoe.

'Wat zou het geweest zijn ?' Toen het Volk al dagen onderweg was naar het beloofde land en het eten opraakte en het Volk begon te morren, liet God elke morgen  als de dauwlaag opgetrokken was, iets fijns, iets schilverachtigs, fijn als rijm op de aarde neerdalen voor hun tenten.
Hij zei tegen Mozes: "Zie, ik zal voor u  brood uit de hemel laten regenen." (Exodus 16: 4)  Toen de mensen hun hoofd uit hun tent staken zeiden ze tegen elkaar:  "Ma-hoe ? ?"  Wat is dit ? ( dit is de leterlijke vertaling van ma-hoe)  Het proefde zoet en het stilde hun honger.  Wat het geweest is daar zijn de meningen over verdeeld. sommigen denken dat het de bloesem of zaden van koriander is geweest. Later werd het Hebreeuwse woord:  'ma-hoe' vertaald in:  'manna'.  ( vers 31)    Met deze 'manna'  voedde God zijn Volk 40 jaar lang in de woestijn.
In de toekomst zal er weer en tijd komen dat God zijn Volk zal onderhouden in de woestijn. We lezen dat in in Opengaring 12: 14.  Een 'gelovig overblijfsel' van het Volk Israëls zal buiten het gezicht van de slang (satan) verborgen worden in de woestijn;  'een tijd en tijden en een halve tijd'.
Als de grote benauwdheid aller tijden over Israël plaats vindt, zullen deze 'ware gelovigen',  drie en een half jaar bewaard  worden en gevoed worden door God met het verborgen manna, om daarna bij de Wederkomst van Christus, het Hemels Koninkrijk op aarde binnen te kunnen gaan.
In die tijd van grote verdrukking  zullen de gelovigen zeker  het 'Onze Vader' bidden, dat de Here Jezus al aan de discipelen leerde, toen Hij nog op aarde was. ( Matheüs 6: 9-13)  Ook toen was het Koninkrijk dicht bij gekomen en werden de gelovigen vervolgd en verdrukt om hun geloof in de Here Jezus.
'Geef ons heden ons dagelijks brood'  zullen ze bidden, want het zal een moeilijke tijd worden. De anti-christ zal God een stap voor willen zijn met het oprichten van zijn koninkrijk in Jeruzalem; en die zijn merkteken niet aanvaarden op het voorhoofd of rechterhand, kunnen niet kopen of verkopen, en zullen dus brodeloos zijn. ( Openb. 13: 17)
Zij bidden tot de Vader om het brood dat nodig is om te overleven. 'Geef ons heden ons dagelijks brood'
Alleen het woord: 'dagelijks' staat niet in de grondtekst. Er staat in het grieks: 'Epi-ousios' wat betekend: op ons neerkomende of afdalende. Het gaat hier om het neerkomende 'manna' uit de hemel. Er staat eigenlijk:  'Geef ons heden  het van de hemel dalende brood'. (zoals het was in de woestijn) 
Hier uit blijkt toch weer eens dat het gebed  'Onze Vader' duidelijk voor het Volk van Israël bedoeld is en niet voor ons,  als gelovigen die leven in  de tijd van genade.
Het 'Onze Vader' is  geen gebed voor alle mensen en alle tijden,  ook al heeft de Here Jezus het gebed als voorbeeld gegeven.  Het hele gebed is bedoeld voor tijden van verdrukking en vervolging die was en  komen gaat over Israël.
Het  'Onze Vader' gaat over:  Zijn Naam dat geheiligd wordt, over Gods wil op aarde,  over het brood om te overleven, over schuld en vergeving die afhangen van dagelijkse daden en over het het verlost worden van de boze.  Allemaal zaken die in deze 'tussen-tijd' niet van toepassing zijn. Zie hierover vorige blogs
Mogen we dan niet  het 'Onze Vader'  bidden?  Wie ben ik om u iets te verbieden ! Maar realiseer u wel dat u dingen aan God vraagt, die in onze tijd nergens op slaan,  want wie vraagt er om brood als hij aan een gedekte tafel zit en wie vraagt om vergeving als hem alles door God vergeven is en wie vraagt om het komende Koninkrijk als hij nu reeds tot het 'Lichaam van Christus' mag behoren ?
Lees ook eens het blog van 4 juli, over het  'Onze Vader',  vertaald naar onze bizondere 'tijd van genade', waarin we nu leven.

donderdag 29 september 2011

*67* Rosj Hasjanah

Vandaag viert het Joodse Volk de:   rosj hasjanah , het 'Nieuwe jaar'. In het Hebreeuws betekenen de woorden:   rosj:   begin en  hasjanah: van het jaar.  En natuurlijk begint dit Nieuwe jaar in de avond uren ( plm. 6 uur),  zoals elke nieuwe dag voor het joodse volk in de avond begint, als de eeste sterren aan de hemel zichtbaar worden. Als de sjofar (de ramshoorn) geklonken heeft is het Nieuwe jaar begonnen.
Vandaag is het een dag van inkeer en verootmoediging aan de Almachtige God.  Het is een ernstige dag die eindigd in de synagoge.   De joden geloven dat God op deze dag  Zijn  'boek des levens' opent.  In dat boek staan niet alleen de namen van alle mensen, maar ook hun daden. Tien dagen lang gaat God na of de slechte daden van de mens betraft moeten worden. De joden proberen zicht op deze dag te herinneren wat ze in het afgelopen jaar verkeerd hebben gedaan. Hun wens naar elkaar toe op de  rosh-hasjanah  is dan ook:   "Moge u voor een goed nieuw jaar opgeschreven zijn".
Op deze dag wordt er veel zoetigheid gegeten, vooral  'honing met appeltjes', dit als voorbereiding van een nieuw zoet jaar.
Rosj-hasjanah is de eerste van de 10 dagen die voorafgaan aan een ander feest: de Grote Verzoendag in het Hebreeuws: jom kippoer.  Dit is de heiligste dag van de joodse kalender. Op deze dag beslist God over het lot van de mens in het komende jaar.
In Leviticus 23 lezen we over de feesten die God gegeven heeft aan het Volk Israël.  In vers 24 lezen we over het 5e feest:  'In de zevende maand op de eerste der maand, zult gij een rustdag hebben, aangekondigd door bazuingeschal, een heilige samenkomst'.
Het jaartal dat het Joodse Volk aan het nieuwe jaar geven is wel heel bijzonder. Zij (en wij met hen)  leven nu in het jaar: 5772.  De jaartelling gaat terug naar het begin van de mensheid.
De jaartelling is dan ook heel speciaal. De Bijbelse jaartelling is een maan-zon jaartelling. De maan speelt een grote rol en staat centraal in de maand-dagen. Met als gevolg dat een volle maand altijd op de 15e van een Bijbelse maand valt. Grote feesten zoals Pesach en het Loofhutten feest viert Israël dan ook altijd op de 15e dag  van de maand.
De heidens-Christelijke kalender zet de zon centraal. Voor Babylon (in het verleden) en Rome (in onze tijd) is 'de zon' het centrum. De mens is het zonnnetje en het draait allemaal om ons eigen 'ikje'.  In de Bijbelse jaartelling staat 'de maan' centraal. De maan heeft geen licht van zichzelf, maar kan wel licht afgeven. Wie geniet er niet van een mooie volle maan in een duistere nacht.
De mensheid als beeld van de maan kan heel verlicht lijken, maar moet teeds erkennen dat hij afhankelijk is van God Zelf,  Die ook  'Licht'  (hebreeuws: ohr)  wordt  genoemd. Net als de maan moeten we ons van tijd tot tijd 'ontledigen' en onze opgeblazenheid laten varen, om ons tot God te kunnen keren.

woensdag 28 september 2011

*66* Leven.

In Genesis 1 vers 26 lezen we dat God zei: "Laat ons mensen maken naar ons beeld, als onze gelijkenis". Terug rekenend van af nu tot die gebeurtenis, zou je zeggen dat dit ongeveer 6000 jaar geleden zou moeten zijn geweest. De aarde is veel ouder. Hoe oud, daar verschillen de meningen over.  De aarde is als kosmos ( is sieraad) geschapen, maar  kwam onder inloed van 'satan' tot verval en werd woest en ledig en duisternis lag op de vloed. Op Zijn tijd herschiep God de aarde in 6 dagen. en op die laatste dag werd de mens geschapen. 
* 1- De eerst mens noemde Hij: 'Adam'.
Adam kende Gods wil en hij had de opracht de aarde te beheren. Door hem had het Koninkrijk op aarde kunnen aanbreken en het daarmee het aionische- (eeuwege) leven kunnen aanvangen. Doch door hoogmoed gedreven, zonderde hij zich af van God en miste hij daardoor zijn doel. (de eigenlijke betekenis van zonde is 'doel missen') De aarde bleef daardoor onderworpen aan satan (de tegenstander van God), en de mens werd onderworpen aan zonde en de dood.
* 2- Het leven vóór de Wet van Mozes.
Vanaf Adam is er ongeveer 2600 jaar voorbijgegaan en de mens is (als natuurlijk mens) volkomen ontwikkeld, maar mist de 'volkomenheid van God' ( iets wat Adam wel kende vóór de zonde-val). Ze kenden iets van Gods wil, maar er was veel ongerechtigheid, boosheid en daardoor: schuld. Toch was de verantwoordelijkheid en schuld beperkt, want de zonde werd hen niet toegerekend.  Zij kenden 'de Wet' nog niet. De dood heerste als natuurlijk verschijnsel.
* 3- Van Mozes tot het kruis.
De 'zonen Israëls' kregen kennis van Gods wil omdat Mozes 'de 10 geboden' bekend had gemaakt, die hij van God had gekregen. Zij kregen daarmee kennis van de zonde. Toch was er wetteloosheid, overtredingen, ongehoorzaamheid en daardoor schuld. De Wet gaf hen niet de kracht om Gods wil te doen. De zonde bestond o.a. uit  afgoddiensten en afgoderij. Dit werd hen ten volle aangerekend. Als zij afvallig werden tegenover God werden zij gestraft en bij gehooraamheid aan God werden zij beloond.  Zij wilden echter gerechtvaardigd worden door werken en waren hierdoor in slavernij onder de Wet. Men verwachtte de Messias in de zin van een nationale Verlosser.
* 4- Van het kruis tot handelingen 13.
Meer dan 4000 jaar is er voorbijgegaan na Adam. Een deel van de 'zonen van Israël' erkenden de Here Jezus als de Christus. Door Zijn offer aan het kruis,  kwam er vervulling van de Wet en vergeving van zonden. De inzettingen der Wet bleven van kracht, doch konden nu door genade gehouden worden. Door wedergeboorte werden zij (kleine) 'kinderen Gods'. Toch bleef de vijandschap van de 'oude mens' bestaan. Men verwachtte een spoedige 'wederkomst van Christus' als de nationale Verlosser.  God had nog steeds geen bemoeienissen  met de volkeren rondom Israël en liet hen hun eigen wegen bewandelen.
* 5- Van Handelingen 13 tot 28: 28.
Door de verharding van een deel van Israël kreeg Paulus - door openbaring- een nieuwe opdracht. Hij leerde een nieuwe weg des Heils aan: de 'wedergeborene'  uit Israël en uit de volkeren rondom Israël. Zij konden zich nu laten verzoenen met God, met Christus sterven naar de oude mens en daardoor vrijgemaakt worden van de wet der zonde. De gelovige  is nu  'gerechtvaardigd in Christus' en wordt een 'zoon van God' De verwachting van een spoedige 'wederkomst van Christus' bestond onder de gelovigen nog steeds
* 6- Ná Handelingen 28: 28.
Het is nu ongeveer 4170 jaar na het begin van 'de mens'. Door verharding van het volk Israël,  is het Volk voorlopig terzijde gesteld als 'Gods uitverkoren volk'. De Wet van Mozes kan niet meer gehouden worden, omdat er geen Tempel meer is. Paulus maakt een nieuwe openbaring bekend aan de gelovingen in Christus Jezus. Hij verkondigd de nieuwe 'Bedeling der Verborgenheid' en de 'volmaaktheid in Christus' aan een ieder die het horen wil. De wederkomst van Christus en dus ook het Koninkrijk op aarde is uitgesteld tot Hij zijn grote macht aanvaarden zal in de toekomst (Openbaring 5) dan zal Hij  als Koning gaan heersen.
Bijna 2000 jaar is er voorbijgegaan na het einde van Handelingen en  God houdt Zich in deze tussen-tijd verborgen in het Over-hemelse.
Voor een ieder mens op aarde biedt God zijn genade aan, want we lezen in Johannes 3 vers 14: 'dat God de wereld zo lief heeft, dat hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder die in Hem gelooft niet verloren gaat, maar 'eeuwig leven' zal hebben'.  
We leven  nu ongeveer 6000 jaar nadat de eerste mens: 'Adam'  geschapen werd door God.  De jaartelling van het Joodse Volk begint met deze gebeurtenis. Zij vieren vrijdag dat het 5772 ste jaar gaat beginnen. En daarover gaat mijn volgende blog.